Met mijn’ zwaren val bewogen
Bood Gods liefde mij de hand;
O ontfermend mededoogen,
Liefde boven mijn verstand!
Vijandschap was mijn bedenken,
Vleeschlijk, onder ’t kwaad verkocht,
Had ik nimmer Hem gezocht,
Hij wou m’ eerst zijn liefde schenken:
God is liefd’, o Englenstem,
Menschentong, verheerlijkt Hem!